Woord van de week – 7 april

Voor zondag 7 april 2019
Jezus gaat het meer op – hulp voor de zinkende Petrus Matteüs 14:22-33
Kerngedachte: Steeds weer vertrouw ik op mijn eigen kracht, mijn kleine en grote levensleugens. Dan komt de angst om te zinken, omdat we weten dat dit alles niet echt draagt. Slechts één ding helpt: het geloof dat de Heer ons helpt!

Is het Bijbelwoord van vandaag een verhaal voor mijn leven? Mag ik u eens licht ironisch mijn gevoelens beschrijven bij deze gebeurtenis?

Jezus stuurt zijn leerlingen na de spijziging van de 5000 het meer op, opdat zij zich bevrijden van het volk. Waarschijnlijk konden de ervaren vissers onder hen al zien, dat het erg onplezierig zou worden. En dan nog bij de storm uitstappen en het geloof laten beproeven? Voor mij zou dat niets zijn. En aan het uitstappen waag ik mij in ieder geval niet (de meesten bleven toentertijd ook op het schip). En dan vraagt Jezus Petrus nog: “Waarom heb je getwijfeld?” Maar lieve Heer Jezus, dat is toch wel een erg retorische vraag? Kleingeloof zou in deze situatie bij mij in ieder geval “heel gewoon” zijn geweest. Petrus had vermoedelijk toch meer moed en vertrouwen dan wij allemaal samen……

Deze Petrus had de wonderen van de laatste tijd gezien. Dat heeft hem er vermoedelijk toe bewogen de vraag te uiten naar Jezus te mogen komen. Maar zelfs zulk vertrouwen houdt geen stand. De vrees voor de storm en de angst het zelf niet te redden komen op. Er rest ons en Petrus niets anders dan steeds weer te roepen:

Heer HELP! ————– En de Heer HELPT!

Maar zelfs deze extreme ervaring helpt Petrus niet voor altijd. Het mislukt hem steeds weer. DAT geeft mij echter heel veel moed, Het laat mij zien: God heeft geen supermensen nodig, geen mensen zonder angst. Het gaat dus ook met u en mij, als wij de Heer roepen.

Jaren geleden heb ik een verhaal over ons Bijbelwoord van vandaag gelezen, dat mij steeds weer tot nadenken stemt:

Een katholiek, een lid van de Pinkstergemeente en een lutheraan vissen in een kleine boot dichtbij de oever van het meer Genezareth (ook wel het meer van Tiberias genoemd). Tegen de middag wordt het warm en de meegenomen dranken zijn op. Men besluit een krat bier te halen. De katholiek en het lid van de Pinkstergemeente kijken elkaar aan, zeggen tegen de lutheraan, dat hij op de boot moet passen, stappen uit de boot en lopen over het water naar de oever. De lutheraan kijkt met open mond toe en hij kan het niet geloven. Na een poosje besluit hij het ook te proberen, stapt uit de boot en ….. zinkt. Hij is net weer moeizaam in de boot geklommen, als de beide anderen weer met het krat bier over het water naar de boot komen. Als zij de kletsnatte lutheraan zien, vragen zij hem wat er is gebeurd. Hij vertelt hun van zijn mislukte poging over het water te lopen.

“Tja“, antwoordt de katholiek, ”je moet wel weten waar de grote stenen liggen…..” Daarop vraag het lid van de Pinkstergemeente verbaasd: “Welke stenen?”

Hoewel iets er schijnbaar effen uitziet, kunnen er toch grote oneffenheden onder het oppervlak zijn. Ik vraag mij daarbij af: Waar is in mijn geloof het streven de stenen te vinden, of zelfs zelf een paar in het water te leggen (natuurlijk alleen als onbaatzuchtige hulp voor anderen…)? Bijvoorbeeld de stenen van de juiste dienst, de juiste liederen, de juiste achting, de juiste bekendmakingen. Tegenwoordig zou ik liever 100x als Lutheraan zinken dan dat ik nog een keer over leugenachtige stenen zou moeten lopen.

 

Heb ik de droom met de hulp van Jezus zonder stenen over het water naar een andere oever te vertrekken? De oever, die God voor mij heeft uitgezocht? (Niet wat anderen mij vertellen over wat mijn droom en mijn oever zou moeten zijn.)

Er is maar één kans voor de vervulling van deze droom:

HEER HELP!

Ik zou graag willen ophouden met het steeds weer perfectioneren van het systeem van de stenen en eindelijk proberen uit de boot te stappen om bij de Heer te komen. Uit de boot van geborgenheid, de boot van de eigen sterke mening, de boot van het eigen denkbeeld over wat moet, de boot van de ervaring met wat nu eenmaal niet gaat…..

Jezus, de Zoon van de levende God, roept ons toe: Tast toe! Mijn hand is er! Mijn hand trekt je eruit! Als je parels wilt, als je de schat in de akker wilt, als je eindelijk de vervulling van je leven wilt ondervinden, als je het eeuwige leven wilt hebben… verkoop dan alles en volg Mij na.

J. Kuhlen

.